Marlene: “Ik heb de tuin van mijn moeder geërfd met mijn broer en zus. Zij had deze tuin al sinds 1981 en overleed in 2004. Ik heb de tuin daarna voortgezet. Het was een hele nette tuin, want mijn moeder was er altijd in bezig. Eigenlijk wilde ik een paar jaar geleden met de tuin gaan stoppen omdat het zoveel werk is. Toen leerde ik Anton kennen van tuin 177, en die helpt mij nu vaak.
Het is een huisje van het eerste uur, waaraan veel is vertimmerd en wat vaak is geverfd. Anton heeft zelf de complete achterkant van een ander huisje kunnen afhalen en die tegen mijn huisje geplaatst.
In het huisje heb ik zoveel mogelijk in de originele staat gehouden. Zoals het oude keukentje, met een laag stenen aanrecht en eikenhouten kastjes. Ook het oude wc-tje draagt bij aan de geschiedenis van dit huisje. Ik slaap niet op de tuin, want dan hoor ik de muizen ritselen en daar houd ik niet van.
In de tuin staan nog wel wat planten en bloemen van mijn moeder, zoals vrouwenmantel en spirea, maar langzamerhand komen er steeds meer mijn eigen keuze biologische planten in en stekken van andere tuinders. Ik vind het leuk om nieuwe, biologische planten uit te kiezen, ook van de plantjesmarkt.
Mijn moeder was een held met haar moestuin, met veel snijbonen en tuinbonen. Bij mij lukt de moestuin niet zo goed, maar ik ben er wel enthousiast mee bezig. Sinds ik vrijwilligerswerk doe bij het Voedselbanktuinieren, leer ik daar wel veel over planten. Zo heb ik nu ook voor het eerst knoflook geplant.
De oogst van onze appelboom was dit jaar enorm. Met mijn nieuwe sapmachine heb ik daar veel sap van gemaakt. Toen onze moeder overleed, hebben we als kinderen samen een perziken-, appel- en perenboom geplant. De perenboom geeft helaas nog geen enkele peer. De perziken waren dit jaar wel heel groot, maar de halsbandparkieten vreten ze aan. Daarom heb ik er een groot net overheen gedaan.
Wellicht ga ik nog eens een vijvertje aanleggen. Een kasje lijkt me ook leuk want mijn buren halen daar een enorme oogst uit van tomaten en courgettes.
Het is moeilijk om tot rust te komen in de tuin, want er is altijd wat te doen… dit moet geknipt en dat moet gesnoeid…
Het is mooi dat er zoveel wordt georganiseerd in de vereniging. De workshops vind ik ook altijd heel leuk. Samen een keer koken met de opbrengsten uit onze tuin, vind ik een goed idee. Ik bak zelf mijn eigen brood, dus dat wil dan wel inbrengen.”


