Rita: “Een vriendin van mij had een tuin op Thurlede, en daar kwam ik vaak en graag. Ik schreef mij in, en toen kwam er een tuin schuin tegenover haar leeg. Die heb ik met beide handen aangepakt. Het was een verwilderde tuin en nog steeds wel een lastige tuin, want aan de voorzijde en zijkant hebben vroeger terrassen gezeten. Daar hebben ze ooit doodleuk aarde overheen gestrooid, waardoor het vol zit met stronken en stenen die ik er in mijn eentje niet uit krijg. Dus laat ik daar maar groeien wat er wel wil. De palm die ik daar neerzette, is enorm gaan groeien, die heeft het er opperbest naar zijn zin. Onder de pergola met de druivenstruiken kan het in de zomer heel verkoelend zijn. De druiven, de appels van mijn appelboom en de zure, kleine sierappeltjes zijn allemaal voor de vogeltjes. Mijn leuke grasveld geeft wat structuur aan de tuin.
Het huisje is een van de oudste van het park, en gelukkig altijd goed bijgehouden. De voorzijde was wel deels weggerot, dus die heb ik moeten vervangen. De keuken en het toilet waren nog prima. Er zit ook een douche in, maar ik heb geen warm water. Een paar jaar geleden is er ingebroken en nu slaap liever thuis in mijn eigen bed. En dan stap ik ’s morgens met veel plezier op mijn fiets naar de tuin! Zeker in de zomer is mijn tuin een kleurenpracht, waar veel bijtjes en vlinders op afkomen. Elk jaar word ik weer verrast door wat er opkomt.
Ik ben nog aan het verzinnen wat ik aan de voorzijde aan de weg wil planten. Daar hebben ooit Hangende Zegge planten gestaan maar die moesten eruit.
Heel trots ben ik op de mooie vijver die ik zelf heb aangelegd. ‘s Morgens ga ik met m’n krantje bij het vijvertje naar de kikkertjes kijken. Ik wil geen vissen in mijn vijver, want ik ben bang dat die door de vogels worden opgegeten. In het vogelhuisje broeden de koolmeesjes, en de eenden en roodborstjes komen telkens hun voer halen en eventjes in de vijver plonzen. Ja, ik ben graag in mijn tuin en kan er goed mijn rust nemen.”


